Ginnegappen in de humorkloof

Duo’s als Bassie & Adriaan, Rembo & Rembo en Mevrouw Zuurtje & Mevrouw Pruimpje hebben me in mijn jeugd veelvuldig in mijn vuistje laten lachen. Later werden ook Zaai, de Twitter-berichten van Kim Holland en het keelgeluid Matsoe Matsoe schatermateriaal. Ik was benieuwd waar mijn Tilburgse moeder en oma het vroeger om bescheurden en zocht ze op voor een gesprek over hun dolkomische herinneringen, tv-helden en beste grappen.

Monique Bartels (1957)

Videos by VICE

Vice: Wat zijn je herinneringen aan vroeger, toen je nog klein en vervelend was?
Monique Bartels: Ik was een baasje. Op school had ik altijd hordes kinderen achter me aan en zorgde ik ervoor dat ze allemaal elke dag een snoepje voor me meebrachten. Dat deden ze altijd braaf, totdat er op een dag een boze moeder naar me toekwam. Midden op het schoolplein plaste ik mijn broek en was het over met de pret. Oh, en ik moet ineens denken aan zuster Sophia. Dat was een non die les gaf op de mavo. Dan riepen mijn zus en ik altijd: “Goedemorgen zuster Sophia, heb je nog lekker gevreeën dit weekend?” Hahaha!

Goh. Jullie waren met acht kinderen thuis, haalden jullie ook vaak dingen bij elkaar uit?
Natuurlijk. Bij elkaar, maar ook bij anderen. Mijn zus Marian nam bijvoorbeeld wel eens vriendjes mee naar huis. Bij ons was het altijd een rommel. Ze vroeg dan aan mijn moeder of ze het alsjeblieft netjes op kon ruimen. Op het moment dat ze binnenkwam met haar vriend, hing er een grote onderbroek aan de lijn door de huiskamer. Ze schaamde zich kapot.

Letterlijk onderbroekenlol. Wat was er eigenlijk grappig op tv in die tijd?
Ik keek graag naar De Mounties Show. Dat vond ik het leukste. Het was een bekend amusementsprogramma met sketches, liedjes, dans, muziek en flauwe humor. René van Vooren was de aangever en Piet Bambergen improviseerde er dan op los. Dat kon hij verschrikkelijk goed. Met Kerstmis keken we vaak met de hele familie naar het circus. Met ons grote gezin moest je een stoel reserveren in de huiskamer. Ik vond de spannende dingen eigenlijk het leukst, een optreden met een clown deed me niet zoveel.

Wat is dat toch met clowns? Wie vindt ze überhaupt nog leuk?
Ik weet het niet. Ik heb er gewoon niks mee en kon er nooit om lachen.

En wat vind je van cabaret?
Met een Youp van ’t Hek of een Freek de Jonge heb ik helemaal niks. Die praten zo verschrikkelijk snel, daar word ik zenuwachtig van. Er zijn er wel een paar die ik leuk vind hoor. Eerst was ik nooit zo weg van Marc-Marie Huijbregts, maar op een avond kon ik een keer met een vriendin mee naar zijn show en toen heb ik er toch wel heel erg hard om gelachen.

Nog even terug naar vroeger. Naast die Mounties Show, wat had je nog meer?
AVRO’s Wie-Kent-Kwis. Dan was er een soort cavia-race en die beestjes kregen dan bekende namen uit die tijd, iemand als Mies Bouwman bijvoorbeeld. In een soort doolhof moesten ze dan naar het vakje met het hoogste bedrag lopen. Maar vaak bleven ze gewoon lekker zitten waar ze zaten.

Ah!
Het was grappig, hoor! Later had je ook Moppentoppers met Ron Brandsteder, en alhoewel ik hem zelf altijd een irritante man heb gevonden vond ik het programma wel leuk. Deelnemers moesten zo goed en zo leuk mogelijk een mop vertellen. Na elke ronde ging er uiteindelijk een kandidaat door naar de finale en de allergrappigste kandidaat werd ‘Moppentopper van het Jaar’. Ook keek ik keek graag naar ’t Benkske, een serie die werd uitgezonden bij Omroep Brabant en draaide om het bejaardentrio Jos, Bets en Fons. Die zaten altijd op een bankje droogkomisch tegen elkaar te zeuren of gewoon stomme verhalen te vertellen.

Je hebt hen nog een keer proberen te imiteren toch?
Ja, toen mijn broer Henk 25 jaar getrouwd was. Toen haalden we allerlei dingen aan met betrekking op Henk. Bijvoorbeeld dat zijn zoon Kees nog maar een paar jaar oud was en altijd vroeg wakker werd. Dan vroeg hij aan mijn broer: “Papa, mag ik opstaan?” Waarop mijn broer zei: “Je kunt hier verdomme ook nooit naaien.” En Keesje antwoordde dan met “Ik wil ook aaien.” Dat soort dingen.

En waar heb je voor het laatst heel hard om gelachen?
Wat me als eerste te binnen schiet, is dat we met de hele familie naar Winterberg gingen. Toen zaten we in een huis bij een vrouw, een pensionhoudster. Dat was een nogal simpel figuur met een jampotbril. Ze miste drie vingers. We noemden haar tante Agaat en dreven continu de spot met haar: “Je bent een rund als je met vuurwerk stunt!” Dat arme mens verstond het natuurlijk niet en had niets door.

Best gemeen, eigenlijk.
Ik maak wel vaker valse grapjes. Op mijn werk kwam eens een meisje aan de balie dat nogal een snor had. Ik tekende vervolgens een poppetje met snorharen op een papiertje en gaf dat aan mijn collega die naast me zat. “Zou je hier even naar kunnen kijken?” zei ik dan met een stalen gezicht. Zij proestte het uit en kon haar lach niet inhouden. Dat meisje zei toen vervolgens ook nog: “Mag ik ook mee lachen?”

Arm kind.
Ja. Misselijk en vooral heel flauw. Maar dat is humor: flauw.

Annie Peeters (1929)

Vice: Wat vond u nou echt een grappige tv-serie?
Annie Peeters: Toen ik klein was, hadden er natuurlijk nog geen tv. Na de oorlog, toen ik een jaar of vijftien was, kregen we een radio. Mijn broer werkte in die tijd bij de Volt en dat was een onderdeel van Philips. Daar moest ‘ie maar gaan werken van mijn moeder, want hij had nooit ergens zin in. Tijdens de oorlog kon je natuurlijk niet aan een radio komen, maar als werknemer mocht mijn broer één keer per jaar wat uitkiezen. Iedere dinsdagavond was er De Bonte Dinsdagavondtrein, een heel leuk radioprogramma van de AVRO. Daar luisterden we dan met zijn allen naar aan de keukentafel. Snip & Snap waren erg komisch.

Snip & Snap? Wie waren dat?
Ha, Snip & Snap. Die waren zo gek als een deur. Het was een komisch duo, bestaande uit Willy Walden en Piet Muyselaar. De kleine was de domoor en die lange de slimme. Ze waren vaak als dames verkleed in van die soepjurken, met gekke hoedjes en sieraden. Ze stonden bekend om hun stomme grapjes en sketches. Ook zongen ze leuke liedjes. Het ging eigenlijk helemaal nergens over, het was niet actueel en heel oppervlakkig. Maar ze waren razend populair met hun grappige koppen en veel mensen bleven echt thuis voor dat programma. Uiteindelijk reisden ze door heel het land met theatervoorstellingen, waar ik toen ook nog een keer met opa ben geweest. Het was eigenlijk wel bijzonder dat we dat deden, want een voorstelling kostte best wat geld in die tijd. Later, ik geloof zo rond het begin van de jaren zestig, verschenen ze ook op de televisie.

Was dat het enige in die tijd?
Nee, je had ook nog Negen Heit de Klok. Een amusementsprogramma op de radio voor de hele familie. Het werd soms ook uitgezonden op de televisie en dat begon dan op zaterdagavond om negen uur. Het zat vol met komische stukjes en er werd gezongen met een heel orkest erbij. Ik heb er heel veel naar gekeken hoor, dat was echt leuk. Het verschil met de humor van Snip & Snap was dat dit programma wel wat meer inging op de actualiteit. Ik moet ineens denken aan een liedje van Snip & Snap, hoe ging het nou toch. Oh ja, ik weet het alweer. (begint te zingen)

Holder de bolder,
wij hebben een koe op zolder
Een grote vier cilinder-koe
A-boe! A-boe! A-boe!
Holder de bolder,
wij hebben een koe op zolder
Een bonte koe, een hamsterkoe

Zo ging dat dan.

Dat zijn nog eens gezellige nummers! Waren er naast Willy Walden en Piet Muyselaar nog andere komische figuren?
Toon Hermans was in die tijd één van de grotere komieken in Nederland, samen met Wim Sonneveld. Toon Hermans kon heel goed typetjes imiteren en daarnaast was hij natuurlijk ook dichter. Ik geloof dat hij inmiddels overleden is. Net als Wim Sonneveld, maar die is al wat langer dood. Hij stond vooral bekend om zijn hele droge humor.

Hoe was u eigenlijk als kind? Werd u zelf wel eens in de maling genomen?
Mijn broer, ome Frans plaagde me altijd. Hij zei: “Annie, je bent te klein voor een tafellaken en te groot voor een servet.” Van de elf bij ons thuis was ik de middelste. Zes en zes is twaalf, dus ik hoorde niet bij de grote en niet bij de kleine. Maar ik was te gehaaid om in de maling genomen te worden. Ik had een brilletje, dan telde je niet mee. Daarom was ik altijd heel erg op mijn hoede. Wel was ik zelf best ondeugend hoor, op de kermis zat ik in de zweefmolen en er was dan een man die het geld op kwam halen in een emmertje. Op een gegeven moment schopte ik expres zijn emmer om en lagen alle dubbeltjes en kwartjes over de grond verspreid. Dat vond ik grappig, een beetje mensen belachelijk maken. Op 1 april gingen we wel eens met een portemonnee aan een doorzichtig draadje langs de kant van de weg zitten. Belletje lellen, dat deden we ook. Maar je moest wel snel zijn hoor, anders kreeg je een pak slaag.

Ik deed dat ook wel eens met die portemonnee, maar daar trapte mooi niemand in.
Ha, bij ons wel. Maar wij waren natuurlijk ook de pioniers van dat spelletje.

Heeft u wel eens in uw broek geplast van het lachen?
Nou, misschien dat jouw zussen Milou en Irene je dat al wel eens hebben verteld. Jij was er toen nog niet geloof ik, maar dat was op een feest van opa. Miloutje en Ireentje waren nog maar klein en die hadden dorst. Dus de ober kwam langs en ze vroegen om twee Taksi’s, ik weet niet of het nog bestaat maar dat was een kinderdrankje ofzo. Op een gegeven moment werd er door de zaal geroepen dat er twee taxi’s toeterend voor deur stonden, en van wie die dan wel niet waren. Daar hebben we toen erg om moeten lachen.

Dat verhaal ken ik wel ja! Taksi drinken we nog steeds hoor oma, maar tegenwoordig mixen we het met wodka.
Dat zal best. Op verjaardagen gebeurden er meestal leuke dingen, dan haalden we vaak grapjes uit. Als iemand bijvoorbeeld even op stond om een lekker stukje worst te pakken, trok iemand de stoel weg zodat diegene op zijn gat viel. Of er werd jeukpoeder op de stoelen gestrooid. Ook gaven we wel eens blindelings een dode muis door onder de tafel. Tegenwoordig is het alleen nog maar slap ouwehoeren op feestjes.

Jullie waren behoorlijk creatief om een beetje te kunnen lachen.
Grapjes waren vroeger veel meer onnozel en onschuldig. Dat is nu wel anders, vind ik. Alles moet tegenwoordig zo worden afgewogen op een weegschaal. Vroeger ging het lekker ongedwongen en spontaan. Dat mis ik wel.

TEKST: SOPHIE PEETERS
ILLUSTRATIES: GEESKE DE GRAAFF

Thank for your puchase!
You have successfully purchased.