Terwijl ik dit schrijf ben ik aan het herstellen van twee weken zonder ook maar één noot muziek te hebben gehoord. Niks, nul, nada. Twee. Fokking. Weken. Het is verschrikkelijk geweest, echt verschrikkelijk, en bovendien ontzettend deprimerend. Ik veranderde in een zagende, teruggetrokken eenling, een manisch-depressief grensgeval met pleinvrees. Ik haatte iedereen. Iedereen haatte mij. Mijn vriendin zei dat ik een lul was, mijn huisgenoten vonden me een eikel, mensen dachten waarschijnlijk dat ik gestoord was omdat ik overal gehoorbeschermers droeg terwijl er een hittegolf was en weet je wat? Ik geef ze allemaal gelijk.
Ik mocht, vóór mijn twee weken begonnen, één nummer kiezen om naar te luisteren. Ik besloot voor iets te gaan dat veertien dagen in mijn hoofd kon blijven zitten, zonder dat ik mezelf zou verhangen. Het werd “Raspberry Beret” van Prince. De nacht voor mijn muziekloze periode inging, beluisterde ik het drie keer op rij. Prince zou mijn versterkte burcht zijn in een wereld van om zich heen slaande waanzin. Tijdens de volledige duur van mijn muzikale anorexia hield ik een dagboek bij. Het bestaat vooral uit gezaag over hoe kut het leven is als je niet naar muziek kan luisteren:
Videos by VICE
DAG 1
Het is half negen in de ochtend en mijn vriendin staat op het punt naar haar werk te vertrekken. Eerst wil ze nog wat muziek draaien, maar ik wijs haar erop dat ik vanaf vandaag twee weken lang niets melodisch te horen mag krijgen. Ze schreeuwt in mijn gezicht dat “dit voor iedereen dik klote gaat zijn!” Ik denk dat ze overdrijft. Ze vraagt me of ze mag zingen en ik antwoord van niet. Ze begint toch iets van Lionel Richie te zingen en dus moet ik mijn oren afschermen.
Ik besluit een aantal basisregels voor mezelf op te stellen. Geen iPod, geen films, zo goed als geen televisie, dat spreekt vanzelf. Minder vanzelfsprekend: ten allen tijde oordopjes dragen en zowel kroegen, feestjes, optredens, restaurants, kroegen als de meeste mensen vermijden. Eigenlijk gewoon geen leven hebben, daar komt het op neer. Ik noteer dit allemaal op een vel papier dat ik boven mijn bureau hang. Ik ben zo goed als werkloos en heb het huis dus voor de rest van de dag voor mezelf (mijn andere twee huisgenoten zijn naar Glastonbury – oh, de ironie!). Eén dag zonder muziek lijkt niet echt zo’n probleem. Tot mijn telefoon gaat. Ik ben vergeten het geluid uit te zetten en hoor mijn ringtone. Technisch gezien heb ik nu gefaald. Ik zet mijn telefoon op stil. De rest van de dag kijk ik voetbal, zonder geluid maar met teletekst. Ik ondervind dat teletekst verschrikkelijk is in het opvolgen van live-commentaar. Het woord ‘vuvuzela’ wordt vervangen door ‘vasectomie’, en onderin beeld staat de zin: ‘Het geluid van de vasectomieën in het stadion is overweldigend.’ Dit is het hoogtepunt van mijn dag.
DAG 2
Ik slaap tot twee uur ’s middags. Als ik wakker word, is er geen eten in huis. Ik ga winkelen met een paar raar uitziende oordopjes in mijn oren geramd. Ik heb ze gekocht in een Turkse supermarkt. Ze zitten ongemakkelijk en dringen mijn oorholtes veel dieper binnen dan gezond kan zijn.
Ik loop verder naar de plaatselijke bouwmarkt en koop een paar gehoorbeschermers voor bouwvakkers. De gast die ze mij verkoopt lijkt op Al Pacino en verzekert me dat dit soort oorbeschermers ondoordringbaar zijn: “Je hoort er absoluut niets mee.” Ik draag ze op weg naar huis en word bijna overreden door een scooter. Al Pacino had gelijk.
Er is vanavond een groot feest verderop in de straat. Iedereen gaat er naartoe, behalve ik. Ik zit in mijn kamer met een fles gin en lees een boek.
DAG 3
Ik ga in mijn eentje voetbal kijken, in één of ander troosteloos café waar ze weigeren muziek te draaien en de televisie op ‘mute’ staat. Het bier is goedkoop, de plek verschrikkelijk. Ik word omringd door alcoholisten, doven en dove alcoholisten en wil mezelf opknopen. Ik begin te denken dat ik niet echt muzikaal ben aangelegd, want het enige liedje waar ik zomaar op kan komen is ‘Happy Birthday’. Maar dan denk ik aan ‘Raspberry Beret’ en voel ik me weer even een mens. Mijn vriend en fotograaf, Neil, komt langs en we gaan samen naar een platenzaak – ik met gehoorbeschermers op mijn hoofd. Ik kies de plaat uit waar ik naar ga luisteren wanneer mijn twee weken van muzikale geheelonthouding achter de rug zijn: The Very Best of Prince. Mijn huisgenoten komen terug van Glastonbury en vertellen me hoe geweldig het was. Ik druk ze op het hart dat ze geen muziek mogen draaien. Nog elf dagen van deze schijterij – dat overleef ik nooit.
DAG 4
Vandaag onderwerp ik mezelf aan totale sociale uitsluiting. Mijn huisgenoten kijken me aan alsof ik melaats ben nadat ik hen voor de tweede keer duidelijk maak dat ze nergens muziek mogen draaien wanneer ik thuis ben (nooit dus). Nu zit iedereen in de woonkamer naar een film te kijken. Ik wil doodgraag meekijken. Maar in plaats daarvan zit ik mijn kamer en lees The War of the Worlds.
DAG 5
Ik denk dat ik pleinvrees aan het ontwikkelen ben. Het is vijf uur ’s middags en ik ben het huis nog niet uit geweest. Wel geeft mijn maag te kennen dat er ondertussen wel wat in zou gaan. Ik ga naar de wc en merk dat er geen toiletpapier meer is, wat me het huis uit jaagt. Ik zet mijn gehoorbeschermers op en ga naar buiten. Als ik terug thuis ben lees ik een beetje en zoek op Amazon.com naar films van Charlie Chaplin. Wanneer mijn huisgenoten thuiskomen proberen ze in de keuken muziek te maken terwijl ik aan het koken ben. Na een discussie die onnodig hoog oploopt, storm ik naar mijn kamer als een nukkig kind van vijf en zet mijn gehoorbeschermers weer op.
DAG 6
Ik doe de hele dag niets. Helemaal niets. Ik ben een van muziek verstoken vlerk.
DAG 7
Ik word wakker en bekijk een aantal Charlie Chaplin films. Charlie Chaplin is niet grappig. Neil komt langs en neemt mijn foto terwijl ik naar een televisieprogramma kijk met teletekstcommentaar. Het gaat over een hond die wordt overreden, neergeschoten, dood verklaard, ingevroren en dan toch nog blijkt te leven.
Ik moet een verjaardagskaart gaan kopen, dus lopen we naar een kiosk. Er is geen muziek in de winkel, dus zet ik mijn gehoorbeschermers af. Ik open lukraak een kaartje en dan gebeurt het: Cliff Richard begint tegen me te zingen. Neil trekt een foto. Dit is de tweede keer dat ik faal.
DAG 8
Eén van mijn jeugdvrienden komt een paar dagen bij ons logeren. We roken in stilte een joint en ik vertel hem hoe ellendig ik me voel. Het middageten verloopt ook in totale stilte. Het enige dat ik kan horen is het vreselijke geslurp wanneer hij zijn spaghetti naar binnen zuigt. Ik heb een kuthekel aan mensen horen eten.
DAG 9
Ik wil zo graag naar muziek luisteren dat ik op mijn laptop een paar clips bekijk zonder geluid. Die clip van M.I.A. ziet er eigenlijk stukken beter uit als je niet kan horen hoe vreselijk het nummer klinkt. Ik spendeer de rest van de dag met het drinken van cider in het park, samen met een vriend en mijn gehoorbeschermers.
DAG 10
Ik geloof dat mijn gehoorbeschermers een vijfde ledemaat zijn geworden. Ik denk hierover na en voer de hele dag geen moer uit.
DAG 11
Gisterennacht droomde ik dat Keanu Reeves bij me aanklopte. Hij had een handdoek rond zijn hoofd gewikkeld en had een fles badschuim vast. Wanneer ik wakker word wil ik niets anders dan naar Notorious B.I.G. luisteren. Ik denk dat het misschien iets te maken heeft met mijn Keanu Reeves droom. Ik denk aan die verschrikkelijke film waar hij een baseball trainer speelt voor achtergestelde kinderen en zijn sterspeler geen deftige bal kan gooien zonder naar Big Poppa te luisteren. Uiteindelijk zit ik de hele dag te lezen. Ik ben ongelooflijk depressief. Mijn vriendin komt thuis en ik begin zonder reden tegen haar te roepen.
DAG 12
Vandaag ziet het leven er aanzienlijk beter uit. Ik voel totaal geen drang om naar muziek te luisteren. Ik denk dat ik er zowaar aan gewend begin te raken. Ik krijg telefoon van familievrienden die in de stad zijn. Ze hebben voor vanavond een kaartje over voor de musical The Lion King. Ik overweeg nog serieus om te gaan met mijn gehoorbeschermers op, maar doe het niet. Ik trek de stad in met Neil en we lunchen in een Hare Krishna café. Neil vertelt me achteraf dat een Hare Krishna me vroeg waarom ik gehoorbeschermers droeg. Ik had hem niet gehoord.
DAG 13
Ik word midden in de nacht wakker en krijg een kleine paniekaanval omdat ik denk dat één van de Franse, wassen oordopjes die ik ’s nachts draag door mijn oor is opgeslokt. Dat blijkt niet het geval te zijn. Ik wil nu meteen naar B.B. King luisteren. Of A Tribe Called Quest. Of Lionel Richie. Maakt niet uit. Justin Bieber is ook goed.
Nog twee dagen. Ik heb niets meer te lezen en dus zit ik buiten door een Kerstkookboek te bladeren. Neil komt langs en neemt daar een foto van. Later maak ik Kerstbrownies die eruit zien als gedroogde drollen.
DAG 14
Laatste dag. Ik word wakker om elf uur en slaap door tot een uur of één. De rest van de dag speel ik games met het geluid uit. Om middernacht knal ik voor de eerste keer in twee weken mijn boxen open en laat The Very Best of Prince van het begin tot het einde door de kamer schallen. Mijn huisgenoten worden wakker van de muziek en één van hen zegt dat hij me haat.
Ik zou graag zeggen dat dit alles mij iets heeft geleerd, maar dat is niet zo. Hoogstens heeft het me doen beseffen dat doofheid in mijn geval ook tot zelfmoordneigingen zou leiden. Daarbuiten was het gewoon een klote-ervaring die van mij een enorme lul maakte.
TEKST: BEN COHEN
FOTO’S: NEIL BUCKINGHAM
Meer
van VICE
-

-

The Apple Watch Ultra 3, because there aren't pics of a rumored, unreleased Ultra 4 yet. – Credit: Apple -

Bruce Willis -

Nickelodeon